Wij zoeken nieuwe collega’s. bekijk hier alle vacatures

12 maart 2026

Waardering huurrecht: rekening houden met indexatie en metterwoonclausule

Een vrouw mag na het overlijden van haar partner levenslang in zijn woning blijven wonen voor € 500 per maand. De inspecteur merkt dit huurrecht aan als een fictieve erfrechtelijke verkrijging en legt een aanslag erfbelasting op. De vrouw vindt de waardering te hoog. Bij de berekening moet volgens haar rekening worden gehouden met toekomstige huurverhogingen én met het feit dat het huurrecht vervalt als zij verhuist. 

Levenslang woonrecht voor een prikkie

Een man en vrouw hebben een affectieve relatie, maar zijn niet getrouwd en hebben geen samenlevingscontract. De man bezit via zijn bv een woning. In 2007 ondertekenen zij een verklaring dat als de man overlijdt, de vrouw levenslang in de woning mag blijven voor € 500 per maand. De huurprijs is niet vatbaar voor verhogingen, maar mag wel geïndexeerd worden. De man overlijdt in 2021. De vrouw staat niet in zijn testament. De inspecteur ziet de huurverklaring als een schenking onder opschortende voorwaarde. Nu de man is overleden, is de voorwaarde vervuld. De schenking wordt daarom behandeld als een fictieve verkrijging krachtens erfrecht.

Hoe waardeer je zo’n recht?

De waarde van het huurrecht wordt berekend als een vruchtgebruik. De inspecteur gaat uit van een vaste huur van € 6.000 per jaar. De vrouw stelt dat rekening moet worden gehouden met indexatie. Door de indexatiemogelijkheid is de jaarlijkse huur onzeker. Op basis van de gemiddelde inflatie van de afgelopen tien jaar, komt zij uit op een geschat gemiddelde van € 6.942 per jaar. De rechtbank volgt haar. Een redelijke wetsuitleg brengt mee dat bij de waardering rekening wordt gehouden met het geschatte gemiddelde jaarbedrag, inclusief indexatie.

Verhuizen betekent einde huurrecht

De vrouw voert daarnaast aan dat het huurrecht minder waard is, omdat het vervalt zodra zij ergens anders gaat wonen. Dit heet een metterwoonclausule. De rechtbank is het daarmee eens. Uit de huurverklaring volgt dat het in beginsel levenslange huurrecht eindigt als de vrouw verhuist. Dat is een waardedrukkende factor. In navolging van eerdere rechtspraak stelt de rechtbank de waardevermindering op 25%. Het maakt daarbij niet uit dat het gaat om een persoonlijk recht en niet om een zakelijk recht zoals vruchtgebruik.

Relevante artikelen

Koopovereenkomst nieuwe woning geen box 3-schuld

Een vrouw verkoopt haar woning. In hetzelfde jaar sluit zij een voorlopige koopovereenkomst voor een nieuwe woning. Deze wordt het jaar erna, in januari, geleverd. De vrouw maakt de koopsom in januari in drie delen over naar de derdengeldrekening van

Lees hier meer

Lening omkatten naar vergoeding redt aftrek niet

Een bv drijft een uitzendbureau en een klussenbedrijf. De enige aandeelhouder is een vrouw, die samen met haar partner bestuurder is. De bv heeft twee vorderingen die zij in 2020 wil afwaarderen. De eerste vordering van ruim € 74.000 betreft de

Lees hier meer

Van verplicht naar vrijwillig: weg aftrek pensioenpremie

Een werknemer was tot 2017 verplicht verzekerd in Luxemburg en bouwde daar pensioen op. Daarna wordt hij verplicht verzekerd in Nederland, maar hij zet de Luxemburgse pensioenregeling vrijwillig voort. De premie die hij zelf betaalt, wil hij

Lees hier meer

Navordering deels vernietigd na te late aanslag

De bevoegdheid om een navorderingsaanslag op te leggen vervalt vijf jaar na het ontstaan van de belastingschuld. Bij uitstel voor het doen van aangifte wordt deze termijn verlengd met het verleende uitstel. De inspecteur stelt dat hij een

Lees hier meer

Belastingdienst mag wereldwijd informatie opvragen

De bevoegdheid van de inspecteur om rechtstreeks informatie op te vragen is niet territoriaal begrensd, zo bevestigt de Hoge Raad. Ook brengt de Tax Information Exchange Agreement (TIEA) met Jersey niet mee dat de inspecteur eerst informatie bij de

Lees hier meer

Fictieve vervreemding aanmerkelijk belang bij overlijden

Een vrouw overlijdt in 2020. De inspecteur legt een aanslag inkomstenbelasting op, waarbij hij een belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang van € 241.893 in aanmerking neemt. De erven van de vrouw stellen dat de vrouw geen aanmerkelijk belang

Lees hier meer