Wij zoeken nieuwe collega’s. bekijk hier alle vacatures

17 april 2025

Strikte termijnen bij bezwaar: een waarschuwing voor belastingplichtigen

Een recente uitspraak van de rechtbank Zeeland-West-Brabant onderstreept hoe strikt de Nederlandse belastingrechter omgaat met termijnoverschrijdingen. De zaak begint in 2012 wanneer een belastingplichtige een naheffingsaanslag omzetbelasting ontvangt. De wet geeft hem zes weken de tijd om bezwaar aan te tekenen, maar hij dient zijn bezwaarschrift vijf dagen te laat in. Ondanks zijn bewering dat hij eerder een bezwaarschrift persoonlijk heeft afgegeven, verklaart de rechtbank zijn bezwaar niet-ontvankelijk. Deze zaak, die zich over een periode van tien jaar uitstrekt, confronteert ons met een essentiële vraag: bestaat er ruimte voor coulance als een belastingplichtige de wettelijke bezwaartermijn overschrijdt?

Twijfels over tijdige indiening

De belastingplichtige stelt dat hij wel tijdig bezwaar heeft gemaakt. Volgens zijn verklaring dient hij op 15 juni 2012 persoonlijk een bezwaarschrift in bij de balie van de Belastingdienst. Ter onderbouwing toont hij een kopie van het bezwaarschrift met daarop een algemene dienststempel. Echter, de inspecteur bestrijdt deze verklaring volledig. Ten eerste komt de stempel niet overeen met de gebruikelijke werkwijze van de Belastingdienst. Ten tweede mist het document essentiële elementen zoals een datum en handtekening van de ontvanger. Tot slot kan de belastingplichtige het originele document niet meer tonen.

Opmerkelijk verloop van het dossier

Het dossier kent een opmerkelijk verloop. Op 26 juli 2012 vindt telefonisch overleg plaats tussen de inspecteur en de intermediair van belanghebbende. Daarbij wordt volgens de vastlegging het bezwaar ingetrokken. Vervolgens duurt het tot 19 oktober 2022 – tien jaar later – voordat de inspecteur beslist dat geen reden bestaat voor ambtshalve vermindering van de naheffingsaanslag. Na verdere correspondentie komen partijen tot de conclusie dat de bezwaarprocedure in 2012 niet rechtsgeldig is beëindigd. Daarom komen ze overeen dat het bezwaar alsnog beoordeeld moet worden. Opvallend genoeg maakt belanghebbende pas tijdens het hoorgesprek op 23 juni 2023 voor het eerst melding van het eerder ingediende bezwaarschrift van 15 juni 2012.

Bezwaar te laat

De rechtbank oordeelt helder: het bezwaarschrift is te laat ingediend en wordt daarom niet-ontvankelijk verklaard. Ze accepteert de argumenten van de belastingplichtige niet en benadrukt dat de bewijslast voor tijdige indiening bij hem ligt. Bovendien vormt het ontbreken van professionele rechtshulp volgens de rechtbank geen geldige reden om af te wijken van de wettelijke termijn.

Geen soepelere benadering bij termijnoverschrijdingen

Daarnaast doet belanghebbende nog een beroep op de conclusie van advocaat-generaal Widdershoven. Widdershoven pleit voor een soepelere benadering bij termijnoverschrijdingen van minder dan een week. De rechtbank wijst echter op recente uitspraken van de Hoge Raad (19 april 2024) en het College van Beroep voor het bedrijfsleven (30 januari 2024). Deze instanties nemen de soepelere benadering niet over. De rechtbank concludeert daarom dat de enkele omstandigheid dat de overschrijding minder dan een week bedraagt, de overschrijding niet verschoonbaar maakt.

Belang van tijdige indiening

Deze uitspraak bevestigt dat termijnen in belastingzaken cruciaal zijn en strikt worden gehandhaafd. Als belastingplichtige moet u daarom alert zijn op de bezwaartermijnen die gelden na ontvangst van een aanslag of beschikking. Elke dag telt en een gemiste termijn betekent vaak het einde van uw mogelijkheden tot bezwaar. Zorg dus voor tijdige indiening en bewaar altijd bewijs van verzending of indiening, zoals een aangetekend verzendbewijs of een ontvangstbevestiging met datum en handtekening. 

Relevante artikelen

Vooruitbetaalde zorgpremie geen aftrekbare schuld in box 3

Een vrouw moet haar huurtoeslag over 2021 terugbetalen, omdat haar box 3-vermogen te hoog is. Om haar vermogen te verlagen, probeert zij vooruitbetaalde zorgpremies als schuld op te voeren. Aangifte en huurtoeslag Voor het jaar 2021 doet de vrouw

Lees hier meer

Kleine AOW, grote gevolgen

Een vrouw ontvangt een AOW-uitkering van slechts € 328 per jaar. Daarnaast ontvangt zij ruim € 26.000 aan Duits pensioen. Door die minimale AOW is zij in Nederland verzekerd voor de Zorgverzekeringswet (Zvw). De Zvw-heffing wordt berekend

Lees hier meer

Aftrek maximaal 19 cent per kilometer

Een krantenbezorger rijdt jaarlijks ruim 20.000 kilometer met zijn eigen auto, zonder daarvoor een vergoeding te ontvangen. In zijn aangifte brengt hij 40 cent per kilometer in aftrek. De inspecteur staat slechts 19 cent toe. De bezorger distribueert

Lees hier meer

Legitieme portie onder oud erfrecht is geen vordering

Een zoon woont jarenlang samen met zijn moeder en verleent haar mantelzorg. De vader is in 1995 overleden. In zijn testament heeft hij zijn echtgenote tot enig erfgenaam benoemd. De twee zonen doen echter een beroep op hun legitieme portie, die samen

Lees hier meer

Kosten eHerkenning geen excuus

Een bv heeft over de jaren 2019 tot en met 2021 geen aangiften vpb gedaan. De bv stelt dat dit komt doordat aangifte alleen mogelijk is met eHerkenning. De hiervoor verschuldigde kosten kan zij niet betalen. De inspecteur legt hierop ambtshalve

Lees hier meer

Consulente relatiebureau geen ondernemer

Een consulente sluit in 2011 een overeenkomst met een relatiebureau voor bemiddelingsdiensten, waarvoor zij een provisie ontvangt. Zij geeft haar inkomsten, variërend van € 11.705 (2016) tot € 17.023 (2019), aan als winst uit onderneming.

Lees hier meer